Archief | juni, 2017

in de buurt

4 jun

Enkele foto’s van op de buurtwandeling van half mei.

 

  • Welk soort lieveheersbeestje is dit?
  • Hoe kan je een meikever herkennen? Is dit wel een meikever?
  • Waar dient deze paal voor? Hoe werkt het?
  • Wat is het geel op het takje?
  • Welke planten hebben ook deze kleur als blaadje?
  • Van welke vogel is deze veer?
  • Welke plant is dit?
  • Is dit een tulp? In welke kleuren bestaat die allemaal?
  • Ik wil graag nog planten drogen… hoe zien ze er dan uit?
  • Welke soort steen is het?
  • Hoe dik kan boomschors worden?
  • Hoe komt het dat er ribbeltjes op het blad zijn?
  • Welke boom is dit?
  • Wat zijn de streepjes in de steen?
  • Hoe komt het dat er beneden aan de stam ook een blaadjes en bloemetje groeit?
  • Wat is het geel op de stam? Klopt het dat dit een berk is?
  • het kompas uittesten
Advertenties

alles tot 100 op een rij

4 jun

Net zoals je bij spelling moet nadenken of je het schrijft zoals je hoort of een spellingsregel moet toepassen (zoals bijvoorbeeld honderd, waar je een “t” hoort maar toch een “d” schrijft) …
is het belangrijk dat je ook bij optellingen & aftrekkingen kan uitsorteren welke soort oefening het is.
Verandert er iets bij de eenheden? Of alleen bij de tientallen? Of bij allebei?
Heb ik tussenstappen nodig?

Anders kan je alleen maar techniekjes zonder te weten wanneer je ze moet gebruiken.

wisk-bewerkingen tot 100-2017-05-30 (3)

Oké de foto ziet er een beetje raar uit omdat het een panoramafoto is, maar toch…
Iedereen van de klas kreeg 1 oefening op een kaartje en kwam deze bespreken en sorteren.
Zo zie je ook meteen hoeveel soorten oefeningen we al kunnen!!!
Alleen voor die met een roze kring moeten we nog een handige manier vinden om ze uit te rekenen… en zo komen we vanzelf bij de brug over een tiental 🙂

in de moestuin

4 jun

De radijsjes van de kleuters komen al uit.
We zetten er nog 2 pompoenplanten in en zaaien zonnebloemen…

getallen tot 100

4 jun

Wij oefenen in het 1ste eerst alles tot 10 (optellen, aftrekken, splitsen, stipoefeningen) en gaan daarna meteen door tot 100.
Zo krijgen we goed inzicht in de 10-delige structuur bij natuurlijke getallen.
20 is een beetje een geforceerde oefengrens.
De brug over 10 en over de andere tientallen oefenen we in het 2de , maar pas nadat we alle makkelijke oefeningen tot 100 kunnen.

De tientallen kunnen we in het 1ste dus ondertussen al.
Nu zijn we volop bezig met het onderzoeken van getallen tot 100.
63 wat wil dat eigenlijk zeggen?
Wat kan je daar allemaal over vertellen?

-> 100-veld, MAB-materiaal, getallenkaartjes, getal ervoor en erna, tussen welke 2 tientallen, hoeveel tientallen / hoeveel eenheden?

%d bloggers liken dit: